Kan je kort het idee uitleggen?
“De basis van het idee is het ontscholen van de maatschappij, het demonopoliseren van de school als enige instituut waar het leren plaatsvindt. Met behulp van technologie zou2e de gehele maatschappij als platform voor het leren moeten kunnen fungeren. Met behulp van vouchers die de overheid geeft aan individuele leerlingen kunnen zij zelf beslissen voor welke skills, vaardigheden en kennis ze een voucher willen inzetten. Technologie moet helpen door als een soort makelaar te fungeren tussen vraag en aanbod. Iedereen in de maatschappij zou op een platform kenbaar kunnen maken welke skills, competentie of kennis ze iemand kunnen bijbrengen. Afhankelijk van de leervraag van de lerende kan er dan een match gemaakt worden tussen vraag en aanbod.”

“Als je bijvoorbeeld Japans wilt leren, dan zou je in plaats van een opleiding Japans te volgen ervoor kunnen kiezen bijvoorbeeld in een sushi restaurant aan de slag te gaan en daar Japans te leren van de koks. Of te kijken bij andere organisaties, bedrijven of individuen waar je deze skill op kan doen. Iedereen in de maatschappij kan iets bijdragen in dit systeem”

“Daarnaast heeft iedere lerende een coach. Zeker voor jonge kinderen is er iemand nodig die je tot op zekere hoogte monitort, leert kennen en het brede perspectief voor blijft houden. Deze coach kan middels technologie inzichtelijk houden waar een leerling staat (ook wel learning analytics genoemd).”

Wat is de onderliggende behoefte?
“Met dit model kan je veel gerichter aansluiten op de behoefte van de leerling zelf. Daar sluit je nauwer op aan en het zou een efficiëntere manier van leren met diepgang kunnen zijn. Scholen zijn traditioneel gezien gericht op massa en niet op personalisatie. Door het individu veel centraler te stellen kan je veel beter gepersonaliseerd onderwijs verzorgen.”

Wat verandert er door dit idee?
“Als je dit echt gaat doen dan heb je het over een structurele verandering van onze maatschappij. Functies die scholen nu hebben plaats je terug in organisaties, bedrijfsleven en andere instellingen. Vakspecifieke docenten heb je eigenlijk niet nodig in dit model. Voor heel jonge kinderen zul je nog een schoolachtige omgeving willen organiseren. Maar een klassieke invulling van vakken is er niet. De lerende en de skills, competenties en kennis staan centraal, en daarom is iets als een vak niet relevant.”

Welke vraag of probleem wordt hier door opgelost?
“Het is een oplossing voor de steeds groter wordende disconnect tussen wat er op school en daarbuiten gebeurt. De manier waarop leerlingen communiceren, buiten school werken en bezig zijn is fundamenteel anders dan op school. Het feit dat je als leerling je telefoon soms moet uitzetten of zelfs inleveren op school is daar een symptoom van.”

Welke actie zou je nu kunnen ondernemen?
“Je zou kunnen spelen met het idee van een makelaar op het gebied van skills en leerervaringen. Hoe zou je een soort matchmaker machine kunnen maken die dit mogelijk maakt? Het is echter ook moeilijk om dit klein aan te pakken, omdat het zo allesomvattend is. Wat je zou kunnen doen is proberen om leerervaringen buiten school te creëren en te organiseren in plaats van dit gelijk in de realiteit van het huidige onderwijsmodel proberen uit te voeren. Het model zorgt er namelijk voor dat je heel veel dingen los moet laten. Dat kan voor scholen moeilijk zijn om te doen. Leuke voorbeelden om van af te kijken zijn bijvoorbeeld learnable.com, udemy.com en skillshare.com.”

Wat gaat Kennisnet Innovatie in 2013 doen met dit concept/idee?
Kennisnet organiseert een brainstorm met potentiële partijen die aanbod kunnen bieden binnen dit model en learners, de vragenstellers binnen dit model, om het vraagstuk verder op te pakken en de werking van het marktplaats model verder uit te werken. Daarbij maken we gebruik van de ervaringen uit bestaande vergelijkbare initiatieven.

Heb je ideeën, aanknopingspunten of voorbeelden van andere vergelijkbare concepten of initiatieven, of wil je nu al jouw belangstelling voor het initiatief laten blijken? Laat het ons weten en we gaan graag nader in gesprek.

  • Harry Stroomberg

    Reactie op het idee van Hans Zwart: de maatschappij als platform voor het leren.
    Een interessant idee.
    (1) Zo’n jaar of 20 geleden waren er in ons land volwassenen die Russisch, Japans, Chinees, klassieke mechanica of een ander onderwerp bestudeerden met behulp van het cursusmateriaal van Teleac. Zij zaten met het cursusboek op schoot de t.v.-lessen te volgen. Tegenwoordig komt een dergelijke studiezin, bij mijn weten, minder voor. Er waren doorzetters die het ver brachten, ondersteund door cursusmateriaal, televisieprogramma’s en feedback van de staf van Teleac.
    Televisie is echter vrijwel geheel ‘fun’ of ‘edutainment’ geworden.
    Wat wil ik hiermee zeggen?
    Er waren en zijn in ons land talloze mogelijkheden om iets te leren en dat gebeurt ook.
    Maar: Ook de moderne technologie is voor velen uitsluitend fun of games. Ik heb daar geen principieel bezwaar tegen en van games kun je veel leren. Maar ik denk dat je voor serieuze onderwerpen een serieuze studiezin nodig hebt.
    (2) Moderne technologie maakt een leren zonder grenzen mogelijk. Als je wilt kun je een onderwijsprogramma of cursus van de Engelse Open University volgen, of zelfs van Harvard, MIT of Princeton. Er zijn vele mogelijkheden, maar je moet weten wat je wil en je moet in staat zijn je leeractiviteit vol te houden om zeer zelfstandig en op eigen kracht door te gaan.
    (3) Met behulp van moderne technologie is vrijwel alles te leren. Je moet echter wel weten waar je kunt vinden wat je wilt leren, je moet weten waar je sterke en zwakke punten liggen, je moet over voldoende doorzettingsvermogen beschikken en tja, er moet een duidelijk doel zijn dat je wenst te bereiken, dat binnen je mogelijkheden ligt.
    (4) Ik denk dat technologie afstemming tussen vraag en aanbod goed kan mogelijk maken. Ten aanzien van de jeugd heeft de maatschappij een grote verantwoordelijkheid. Alle leerlingen moeten worden gestimuleerd om het beste uit zichzelf te halen. Sommige leerlingen hebben echter meer mogelijkheden dan anderen. Voor vrijwel alle leerlingen is een goede ondersteuning van belang. Sommigen krijgen die thuis en op school, anderen moeten met minder genoegen nemen.
    (5) Over vakken zou ik het volgende willen opmerken. Vakgebieden hebben een zekere structuur die het leren en ook de ordening van kennis op bepaalde terreinen vergemakkelijkt. Experts beschikken vaak over zeer veel kennis op een gebied plus een ordening die het mogelijk maakt om uit vele mogelijkheden het beste te kiezen. Ik zou daarom een vakstructuur niet zonder meer bij het huisvuil willen zetten.
    (6) Wat is de behoefte van de leerling? Wat ik om mij heen zie is dat behoeften in hoge mate worden gecreëerd, dat wil zeggen door een sociaal-culturele omgeving worden gevormd en gestimuleerd. Denk b.v. aan ‘adverteren doet begeren’, dat volgens mij een grond van waarheid bevat. Denk ook aan de leercultuur die je bij sommige groepen aantreft en bij andere niet. Ik zie om mij heen veel leraren basisonderwijs die een leercultuur bevorderen. Ik zie veel leerlingen waarbij dit aanslaat, maar ik vermoed dat ik mij in een bevoorrechte omgeving bevindt, want ik lees ook veel verhalen over vroegtijdige schoolverlaters; jongeren zonder diploma die kansloos zouden zijn op een arbeidsmarkt.
    (7) In veel basisscholen zie ik een duidelijke relatie tussen wat er binnen de school gebeurt en daarbuiten. De wereld wordt wel degelijk binnen de school gehaald en de school staat niet los daarvan. Maar de wereld is niet alleen maar mooi. Een school biedt ook een veilige omgeving voor leerlingen.
    (8) Ik zie het onderwijs met de moderne technologie sterk veranderen. De moderne tabletcomputers, zoals ipads, maken dit mogelijk. Vele apps zijn beschikbaar om leerlingen te stimuleren in hun leeractiviteiten. Er zijn te weinig scholingsmogelijkheden voor leraren om zich in het gebruik daarvan te bekwamen.
    (9) Bij een marktplaats model gaat het om een duidelijke vraag en een duidelijk aanbod dat in termen van geld kan worden uitgedrukt. Het beste aanbod en de hoogste bieder winnen de prijs. Natuurlijk is het onderwijs ook een markt; er is aanbod en er is vraag en scholen en onderwijsorganisaties hebben kenmerken van bedrijven. Onderwijs is ook cultuuroverdracht.
    (10) Learnable is volgens mij vooral geschikt voor leerlingen die goed weten wat ze willen, anders verdwalen ze gegarandeerd. Ook Undemy is voor software ontwikkelaars; Skillshare is ook een goed idee als je al weet wat je wil en zicht hebt op je eigen mogelijkheden.
    (11) Mijn idee is dat ontscholing van de maatschappij een fundamenteel probleem is. In 1762 verscheen Émile ou de l’éducation van Rousseau. Het sloeg in als een bom en onderwijsvernieuwers steunen nog steeds op zijn ideeën van zelfwerkzaamheid en ‘help mij het zelf te doen’. Als wij in staat zijn om aan deze uitspraak handen en voeten te geven, zowel voor leraren als leerlingen, is het mogelijk dat een geleidelijke ontscholing kan plaatsvinden. Geleidelijk zullen de muren van de scholen verdwijnen. Scholen zullen vooral sociale- en werkgemeenschappen worden, waar leerlingen, weliswaar ondersteund, maar zelfstandig en gemotiveerd aan de slag gaan om sociaal-culturele en maatschappelijke inzichten, kennis en vaardigheden over de wereld en zichzelf te verwerven waar zij en hun omgeving baat bij hebben.
    (12) Met deze punten hoop ik een bijdrage leveren aan een discussie over de verandering van het onderwijs in de maatschappij.

    Harry Stroomberg